Akkerbouw
Algemeen
Dieren
Economie
Markten
Mechanisatie
Milieu
Politiek
Tuinbouw
Veehouderij
Voeding
Inloggen
 
 
 
Klik hier om u te registreren en te abonneren
(72,60 euro per jaar)
 
Wachtwoord vergeten
Vorig ArtikelVorig artikel

 22 sep 2020 23:37 

Droogte en hitte 2020: in gang zetten procedure erkenning tot ramp


Deze namiddag stelde Bart Dochy een vraag om uitleg over de erkenning van schade droogte en hitte aan landbouwteelten als ramp aan minister Jan Jambon.

Conclusie:

Zonnebrand komt niet voor in de limitatieve opsomming van de schadelijke natuurverschijnselen die voor erkenning in aanmerking komen, zoals bepaald in artikel 2 van het decreet van 5 april 2019. De Europese regelgeving laat trouwens ook geen steunmaatregelen toe voor het herstel van de schade die daar rechtstreeks uit voortvloeit. Ernstige droogte kan, als de voorwaarden daarvoor voldaan zijn, wel erkend worden als ramp. In het concrete geval van de weersomstandigheden van deze zomer is het duidelijk dat we kunnen spreken over droogte die mogelijkerwijze in aanmerking kan komen voor een erkenning als ramp. Of dat effectief het geval zal zijn, zal in de eerste plaats afhangen van het advies van het KMI.
Dat advies kan maar officieel aangevraagd worden nadat alle schadegevallen zijn aangemeld. Daarvoor moet het nieuw uitvoeringsbesluit zijn goedgekeurd, en de timing daarvoor is november. De ingediende dossiers via de gemeenten worden dan meegenomen (oude procedure). Er kunnen nog nieuwe dossiers komen. Daarna kan het advies gevraagd worden aan het KMI. Daar zal dus nog wel eventjes tijd over gaan, maar dat is doordat we nu net in die overgangsperiode zitten tussen het Landbouwrampenfonds en het Rampenfonds in het algemeen.
De vaststellingen dienen uiteraard gebeurd te zijn voor de oogst.

VRAAG EN ANTWOORD

De voorzitter

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer Dochy heeft het woord.

Bart Dochy (CD&V)

Zoals u weet, werd in 2019 zonnebrand vooral voor de fruitsector erkend als ramp. Vanaf 2020 zijn de regels veranderd. De landbouwramp werd afgeschaft. Het besluit van de Vlaamse Regering (BVR) bepaalt een aantal regels met betrekking tot de procedure en de weersomstandigheden die in aanmerking komen om als ramp erkend te worden.

In het kader van de weersverzekering is er ook een duidelijke bepaling die zegt dat 25 procent van de teelten verzekerd moet zijn alvorens men in de zeer uitzonderlijke omstandigheden waarin nog een ramp erkend wordt, toch kan genieten van een vergoeding. Er is ook bepaald dat een terugbetaling tot 65 procent van de premie voorzien is gedurende de eerste drie jaar.

In het verleden bestond er voor een vergoeding vanuit het landbouwrampenfonds ook een bepaling dat men een weersverzekering voor 50 procent van de teelten moest hebben alvorens men 100 procent – dat kwam dan neer op 80 procent van de schade – vergoed kon krijgen.

Investeringen in hagelkanonnen en hagelnetten kunnen er daarnaast toe leiden dat de schade eventueel beperkt wordt. Het is namelijk zo dat in de fruitsector heel weinig weersverzekeringen worden afgesloten omdat de mensen zich indekken tegen de schade van hagel via een hagelkanon of -net.

Ik wil u deze concrete vragen voorleggen, minister-president.

Via schadecommissies of experts dient een vaststelling te gebeuren over de schade om over een erkenning tot ramp te kunnen spreken. Dat voorziet het voorlopig besluit van 5 juni 2020. Er is ook een nieuwe procedure voorzien waarbij mensen zich rechtstreeks moeten aanmelden bij het e-loket van het Rampenfonds. Het is niet meer zo dat de gemeenten worden aangeschreven met de vraag om een inventaris te maken van de hoeveelheid schade en die door te sturen. De verantwoordelijkheid wordt nu gelegd bij de individuele landbouwer of schadelijder.

Hoe zit dat e-loket van de Vlaamse overheid nu in elkaar? Werkt dat? Als dat niet zo is, is er dan een alternatieve methode? Beroept men zich dan nog steeds op de oude methode? Worden de gemeenten in dat geval gevraagd om een inventaris te maken om zo te bekijken in welke mate een erkenning als ramp opportuun zou zijn?

Voorziet u in de toekomst een koppeling met het e-loket Landbouw? Ik heb hierover een schriftelijke vraag gesteld, maar ik denk dat die wat verkeerd werd begrepen. Ik vroeg of er vanuit het e-loket Landbouw automatisch een koppeling wordt gemaakt naar het e-loket van het Rampenfonds. Op deze wijze kan men administratief veel eenvoudiger werken.

We stellen vast dat zonnebrand voor de fruitsector de laatste zomerperiode voor de grootste schade zorgt.

Dat is niet opgenomen als een verplicht verzekerd fenomeen voor wat betreft de brede weersverzekering. De vraag is, als bijvoorbeeld twee jaar na elkaar zich dezelfde schade voordoet, of het te overwegen is om dat ook op te nemen als een verplicht te verzekeren fenomeen in het kader van de brede weersverzekering.

De voorzitter

Minister-president Jambon heeft het woord.

Minister-president Jan Jambon

Mijnheer Dochy, voor de duidelijkheid wil ik eerst uitleg geven over het regelgevende kader. Het is inderdaad zo dat we vanaf 1 januari van dit jaar werken met een nieuwe regelgeving voor de erkenning van rampen en voor de toekenning aan de getroffenen van een financiële tegemoetkoming vanwege de Vlaamse overheid in de schade die zij hebben opgelopen. Het Vlaams Rampenfonds is met ingang van 1 januari 2020 bevoegd voor het behandelen van de aanvragen tot erkenning van alle rampen, zowel de vroegere zogenaamde ‘algemene rampen’ als de vroegere ‘landbouwrampen’. Het Departement Landbouw en Visserij komt daar dus in feite niet meer in tussen.

De regelgeving die van toepassing is, bestaat uit het decreet van 5 april 2019 houdende de tegemoetkoming in de schade die aangericht is door rampen in het Vlaamse Gewest en een uitvoeringsbesluit dat de Vlaamse Regering principieel heeft goedgekeurd op 5 juni van dit jaar. Momenteel worden de laatste nodige stappen gezet voor de definitieve goedkeuring van dat uitvoeringsbesluit. Ik verwacht het besluit ten laatste in de loop van november aan de Vlaamse Regering te kunnen voorleggen. Het uitvoeringsbesluit zal met terugwerkende kracht in werking treden vanaf 1 januari van dit jaar.

Wat betreft uw vraag naar een mogelijke erkenning, is het zo dat zonnebrand niet voorkomt in de limitatieve opsomming van de schadelijke natuurverschijnselen die voor erkenning in aanmerking komen, zoals bepaald in artikel 2 van het decreet van 5 april 2019. De Europese regelgeving laat trouwens ook geen steunmaatregelen toe voor het herstel van de schade die daar rechtstreeks uit voortvloeit. Ernstige droogte kan, als de voorwaarden daarvoor voldaan zijn, wel erkend worden als ramp. In het concrete geval van de weersomstandigheden van deze zomer is het duidelijk dat we kunnen spreken over droogte die mogelijkerwijze in aanmerking kan komen voor een erkenning als ramp. Of dat effectief het geval zal zijn, zal in de eerste plaats afhangen van het advies dat mijn diensten zullen vragen aan het KMI. Zij hebben daarover al contacten gelegd met het KMI, maar een officiële adviesaanvraag kan pas worden ingediend nadat alle schadegevallen zijn aangemeld, en dat kan pas na de definitieve goedkeuring van het uitvoeringsbesluit. Tot nu toe hebben 72 gemeenten een aanvraag tot erkenning ingediend bij het Vlaams Rampenfonds. Dat aantal zal vermoedelijk nog stijgen.

Wat betreft de vaststelling van de schade, voorziet de nieuwe regelgeving niet meer in een verplichte attestering van de schade en de omvang ervan door een gemeentelijke schadecommissie. Het staat de landbouwers en de telers vrij de opgelopen schade op gelijk welke wijze aan te tonen. Een verslag van een schadecommissie of van een expert is daartoe een mogelijkheid, maar het is op zich geen vereiste. Zodra het uitvoeringsbesluit definitief is goedgekeurd, zal het Vlaams Rampenfonds op zijn website en via de gemeenten toelichting geven over de procedure die moet worden gevolgd voor het indienen van een aanvraag tot schadevergoeding, nadat de Vlaamse Regering heeft beslist om de ramp te erkennen. Dat is dus nadat we advies hebben gekregen van het KMI.

Tot nu toe hebben de gemeenten, en ook enkele individuele schadelijders, schadegevallen als gevolg van droogte in 2020 aan het Vlaams Rampenfonds gemeld per e-mail of per brief. In de toekomst is het de bedoeling dat de aanvragen zoveel mogelijk digitaal worden ingediend, al blijft een melding per brief of per e-mail altijd mogelijk. Maar de bedoeling is om via dat loket te gaan. Het digitale platform van het Vlaams Rampenfonds wordt daartoe uitgebreid met een erkenningsmodule, die het voor de schadelijders mogelijk maakt om de aanvraag tot erkenning in te dienen via het e-loket. Krachtens de nieuwe regelgeving zijn het immers niet meer de gemeenten, maar wel de schadelijders zelf die een aanvraag tot erkenning als ramp indienen. Aanvragen die nu reeds ingediend zijn, zullen in rekening worden gebracht. Het Vlaams Rampenfonds zal daarover nog communiceren.

Over elk voorstel tot erkenning als ramp wordt beslist door de Vlaamse Regering. Zodra die erkenning een feit is, zullen de melders daar automatisch over geïnformeerd worden en zullen zij hun aanvraag voor het verkrijgen van een tegemoetkoming kunnen indienen via datzelfde e-loket. De technische voorbereiding daartoe is afgerond. Zodra het uitvoeringsbesluit definitief is goedgekeurd, kan dat geoperationaliseerd worden.

Voor de indiening van die aanvragen door de schadelijders is er geen koppeling nodig met het e-loket van het Departement Landbouw en Visserij. Het is wel zo dat er in het kader van de digitalisering van de procedures tussen het Departement Kanselarij en Buitenlandse Zaken – vroeger het Departement Kanselarij en Bestuur – waartoe het Vlaams Rampenfonds behoort, en het Departement Landbouw en Visserij een protocol bestaat voor de elektronische mededeling van de identificatie- en perceelgegevens van de betrokken land- en tuinbouwers.

De brede weersverzekering, en in het bijzonder de steunregeling die daarvoor vanuit de Vlaamse overheid wordt toegekend, is een bevoegdheid van minister Crevits en van het Departement Landbouw en Visserij. Het Vlaams Rampenfonds onderhoudt uiteraard wel contacten met het Departement Landbouw en Visserij. Indien er bij het Vlaams Rampenfonds naar aanleiding van de behandeling van vragen tot erkenning als ramp vaststellingen of bekommernissen naar voren komen die hun weerslag kunnen hebben op de wijze waarop de brede weersverzekering door het Departement Landbouw en Visserij wordt ondersteund, dan zullen die zeker gesignaleerd worden.

De voorzitter

De heer Dochy heeft het woord.

Bart Dochy (CD&V)

Bedankt voor de heldere antwoorden, minister-president. Ik begrijp heel goed van u dat we vandaag logischerwijze nog in de oude procedure zitten, wat betekent dat de gemeenten binnen de zestig dagen na het zich voordoen van de ramp nog steeds een aanmelding kunnen doen, de gegevens kunnen verzamelen en die kunnen overmaken aan het Rampenfonds. En straks, vanaf de definitieve goedkeuring van uw besluit, dat op 5 juni 2020 al is voorgekomen, zal er ook nog individueel aanvullend kunnen worden ingediend.

Ik zit een beetje verveeld met de periode van zestig dagen waarbinnen de aanmelding moet gebeuren. Bij een weersfenomeen als een windhoos is het vrij duidelijk wanneer die termijn begint te lopen. Voor een landbouwramp als een langdurige onweersperiode of een langdurige droogte is er geen vaste datum, maar ik neem aan dat u een zekere souplesse aan de dag zult leggen om ervoor te zorgen dat dit niet de reden zou zijn voor een niet-erkenning, waarvoor dank.

Mijn aanvullende vraag over het e-loket is misschien bijzonder technisch en heel praktisch. U weet dat iedere landbouwer een perceelsaanvraag heeft – een verzamelaangifte, zoals men dat noemt – die digitaal is. Die mensen hebben dat dus op hun computer. Het zou bijzonder logisch en praktisch zijn in deze moderne tijd, dat er vanuit het landbouwloket automatisch een doorsturing kan gebeuren naar het digitale loket, dat ook van de Vlaamse overheid is, namelijk van het Rampenfonds. Het is toch niet meer van deze tijd dat de gegevens moeten worden afgeprint, overgeschreven en opnieuw ingevoerd in een loket dat zich misschien een verdieping hoger of lager dan het eerste loket bevindt. Het gaat dus om een praktische koppeling, die de mensen veel werk zou besparen en die het draagvlak voor de digitalisering ook zou vergroten.

De voorzitter

De heer Coenegrachts heeft het woord.

Steven Coenegrachts (Open Vld)

Bedankt voor deze vraag, collega Dochy. We hebben het er in de commissie Landbouw al een paar keer over gehad, ook vorig jaar. Dat was nog helemaal in het oude systeem.

Door de droogte worden we geconfronteerd met fenomenen die we voorheen niet kenden. Droogte kenden we wel, maar niet zo vaak na elkaar. Zonnebrand is redelijk nieuw. We hebben dat vorig jaar ook erkend als ramp, maar binnen het Landbouwrampenfonds.

Het is heel positief, minister-president, dat uw diensten al contact hebben met het KMI en dat zij kunnen onderzoeken hoe uitzonderlijk de droogte deze zomer was en of daar enige schade uit af te leiden valt. Ik denk dat we in een bredere context in de brede weersverzekering ook gaan moeten evalueren of het nodig is om daar aanpassingen aan te doen en te kijken of zonnebrand eventueel in die brede weersverzekering, in de private verzekering, zou moeten worden opgenomen.

Ik denk, collega Dochy, dat we daarover eigenlijk al hadden afgesproken om in de commissie Landbouw een evaluatie te doen op het einde van dit jaar. Dan zullen we moeten bekijken hoe de brede weersverzekering en het Rampenfonds samen worden genomen in die evaluatie en hoe we voor de landbouwers de beste garanties en de beste verzekering inbouwen.

De voorzitter

De heer Coel heeft het woord.

Arnout Coel (N-VA)

Bedankt, minister-president. Bedankt ook aan collega Dochy voor het stellen van de vraag, die toch een belangrijke impact heeft op het terrein.

Ik begrijp uit het antwoord dat zonnebrand als dusdanig in de regelgeving zoals we die nu gaan toepassen, niet in aanmerking komt voor terugbetaling via het Rampenfonds. Dat kan enkel en alleen als we zonnebrand beschouwen als afgeleide van een droogteproblematiek, die eventueel wel kan worden erkend. U hebt de erkenning als ramp natuurlijk niet zelf in handen, minister-president, maar hebt u zicht op de timing waarbinnen de bevoegde instantie zich zal uitspreken over het al dan niet erkennen van de droogte in de zomer van 2020? Als die erkenning eenmaal gebeurd is, is het uiteraard van belang dat de dossiers met de nodige spoed worden behandeld. Daar staan uw diensten dan wel voor in.

Ten slotte sluit ik me graag aan bij de intenties van collega’s Dochy en Coenegrachts om in de commissie Landbouw de brede weersverzekering eens tegen het licht te houden en te kijken hoe we die verder kunnen optimaliseren. Ik heb deze zomer heel wat boeren bezocht, en het is toch een bezorgdheid die op het terrein nadrukkelijk aan bod komt. Zij stellen zich daar heel wat vragen bij. We moeten daar als beleidsmakers dus met de nodige aandacht naar kijken, zodat dat instrument een juiste toepassing vindt en doet waarvoor we het in het leven hebben geroepen.

De voorzitter

Minister-president Jambon heeft het woord.

Minister-president Jan Jambon

Mijnheer Dochy, we hebben dat protocol met Landbouw net om ervoor te zorgen dat gegevens inderdaad geen twee keer moeten worden opgevraagd en ingevoerd. Die link wordt dus gelegd.

Mijnheer Coel, of het werkelijk een ramp zal zijn, zal in de eerste plaats afhangen van het advies van het KMI. En dat advies kunnen we maar officieel aanvragen nadat alle schadegevallen zijn aangemeld. Daarvoor moeten we uiteindelijk het uitvoeringsbesluit hebben goedgekeurd, en de timing daarvoor is november. De ingediende dossiers via de gemeenten worden dan meegenomen. Er kunnen nog nieuwe dossiers komen. En als we dat afsluiten, dan kunnen mijn diensten advies vragen aan het KMI. Daar zal dus nog wel eventjes tijd over gaan, maar dat is doordat we nu net in die overgangsperiode zitten tussen het Landbouwrampenfonds en het Rampenfonds in het algemeen.

De voorzitter

De heer Dochy heeft het woord.

Bart Dochy (CD&V)

Bedankt, minister-president. Het zal heel belangrijk zijn om straks, als uw besluit definitief is goedgekeurd en de omslag wordt gemaakt van de inventarisatie door de gemeenten naar de verantwoordelijkheid bij de individuele schadelijder, daar goed over te communiceren. Het is niet zo evident. Mensen zijn het al jaren zo gewoon dat de gemeente de coördinator is van de verzameling van de schadegevallen. Als aan de individuen zal worden gevraagd om dat te doen, zal daar toch een bewustmaking voor nodig zijn. Maar ik ben ervan overtuigd dat u dat ook zult doen. U communiceert op dat vlak ook helder. Het zal belangrijk zijn om daar aandacht voor te hebben.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.



  Nieuwsflash
 
Subsidies voor landschapsbeheer door landbouwers Lees meer
 
 
Vautmans stemt vr nieuw GLB Lees meer
 
 
Statistisch overzicht Belgi pre-CoronaLees meer
 
 
Ongevallen met landbouwvoertuigen Lees meer
 
 
Jachtrecht Lees meer
 
 
Diepvriesfriet - Handelsbelemmeringen Lees meer
 
 
Compendium bemonsterings- en analysemethodes in het kader van het Mestdecreet (BAM)Lees meer
 
 
Klimaatfonds negeert maatschappelijke baten van koolstofvastlegging in landbouwbodems Lees meer
 
 
Provincie investeert in innovatief realtime meetsysteem voor waterstandenLees meer
 
 
De klimaatvooruitzichten voor 2100: extreme stormen, overstromingen, hittegolven en droogteLees meer
 
 
Plannen Colruyt om landbouwgrond te verwervenLees meer
 
 
Stimuleren van de biodiversiteit in de landbouw Lees meer
 
 
Verscherpte coronamaatregelen voor seizoenarbeiders Lees meer
 
 
Lage melkprijs bij Milcobel Lees meer
 
 
Gevolgen voor de Vlaamse varkenshouderij van de vaststelling van Afrikaanse varkenspest in DuitslandLees meer