Akkerbouw
Algemeen
Dieren
Economie
Markten
Mechanisatie
Milieu
Politiek
Tuinbouw
Veehouderij
Voeding
Inloggen
 
 
 
Klik hier om u te registreren en te abonneren
(72,60 euro per jaar)
 
Wachtwoord vergeten
Volgend artikelVolgend Artikel

 12 dec 2018 08:20 

Tijdelijke maatregelen ter bestrijding van Afrikaanse varkenspest bij wilde zwijnen


Besluit van de Waalse Regering houdende verscheidene tijdelijke maatregelen ter bestrijding van Afrikaanse varkenspest bij wilde zwijne

Gelet op de wet van 28 februari 1882 op de jacht, inzonderheid op artikel 1ter, § 1, en 12ter, ingevoegd bij het decreet van 14 juli 1994 en gewijzigd bij het decreet van 16 februari 2017, de artikelen 7, § 1, en 10, gewijzigd bij de decreten van 14 juli 1994, 16 februari 2017 en 17 juli 2018;
Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 18 oktober 2012 tot bepaling van de voorwaarden voor de bijvoedering van grof wild;
Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 24 maart 2016 waarbij de openings-, sluitings- en schorsingsdatums voor de jacht van 1 juli 2016 tot 30 juni 2021 vastgelegd worden;
Gelet op het verslag van 28 augustus 2018 opgesteld overeenkomstig artikel 3, 2°, van het decreet van 11 april 2014 houdende uitvoering van de resoluties van de Vrouwenconferentie van de Verenigde Naties die in september 1995 in Peking heeft plaatsgehad en tot integratie van de genderdimensie in het geheel van de gewestelijke beleidslijnen;
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1;
Gelet op de dringende noodzakelijkheid;
Overwegende dat, overeenkomstig Richtlijn 2002/60 van de Raad van 27 juni 2002 houdende specifieke bepalingen voor de bestrijding van Afrikaanse varkenspest en houdende wijziging van Richtlijn 92/119/EEG met betrekking tot besmettelijke varkensverlamming (Teschenerziekte) en Afrikaanse varkenspest, de bevestiging, op 13 september 2018, van een primair geval van Afrikaanse varkenspest onder wilde zwijnen op een deel van het grondgebied van het Waalse Gewest de Regering ertoe noopt, onmiddellijk meerdere maatregelen te nemen om de verspreiding van de ziekte af te remmen, waaronder de afbakening van een besmet gebied en aangepaste, daar toe te passen, maatregelen, waaronder de opschorting van de jacht en het verbod tot bijvoederen van de wilde zwijnen;
Overwegende dat deze bepalingen aangepast dienen te worden naarmate de epidemie evolueert en er eisen door Europa opgelegd worden;
Gelet op Uitvoeringsbesluit (EU) 2018/1856 van de Commissie van 27 november 2018 tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU betreffende maatregelen op het gebied van de diergezondheid in verband met Afrikaanse varkenspest in sommige lidstaten;
Overwegende dat het Gewest, binnen het, zoals in het uitvoeringsbesluit van de Commissie van 23 november 2018 afgebakend, gebied waarin de epidemie woekert verschillende gebieden kan omschrijven waarin gedifferentieerde maatregelen gelden, met name in functie van de waarschijnlijkheid dat daar door de ziekte aangetaste wilde zwijnen aangetroffen zouden kunnen worden;
Overwegende dat de Regering, overeenkomstig voornoemde richtlijn, er eveneens toe gehouden is, de verplichting na te komen om elk in het besmet gebied neergeschoten of dood aangetroffen wild zijn te onderwerpen aan een onderzoek naar de opsporing van Afrikaanse varkenspest en aan de transformatie, onder officiële controle, van alle wilde zwijnen die een positief resultaat hebben opgeleverd;
Op de voordracht van de Minister van Natuur en Landelijke Aangelegenheden;
Na beraadslaging,
Besluit :
HOOFDSTUK I. - Begripsomschrijvingen
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
1° Administratie : het Departement Natuur en Bossen van het Operationeel directoraat-generaal Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu van de Waalse Overheidsdienst;
2° inzamelcentrum: plaats, aangewezen door de administratie, waar de dood aangetroffen of gedode wilde zwijnen uit de gebieden bedoeld in 4°, 5°, 6° en 7° verplicht naartoe gevoerd dienen te worden met het oog op het afnemen van stalen waarmee Afrikaanse varkenspest kan worden opgespoord;
3° opleiding bioveiligheid : opleiding die regels oplegt, welke in acht te nemen zijn bij het weghalen en afvoeren van dode wilde zwijnen om de risico's op verspreiding van Afrikaanse varkenspest bij deze verrichtingen te beperken;
4° kerngebied : operationeel gebied voor de beheersing van de epidemie rekening houdend met alle sites waar op Afrikaanse varkenspest positief bevonden wilde zwijnen zijn aangetroffen;
5° buffergebied : operationeel gebied voor de beheersing van de epidemie, gelegen rondom het kerngebied, waarin de waarschijnlijk dat positief reagerende wilde zwijnen aangetroffen zullen worden, hoog is;
6° versterkt observatiegebied : operationeel gebied voor de beheersing van de epidemie, gelegen rondom het buffergebied, waarin de waarschijnlijk dat op Afrikaanse varkenspest positief reagerende wilde zwijnen aangetroffen zullen worden, minder hoog is dan in het buffergebied;
7° waakzaamheidsgebied : operationeel gebied voor de beheersing van de epidemie, gelegen rondom het buffergebied, waarin de waarschijnlijk dat op Afrikaanse varkenspest positief reagerende wilde zwijnen aangetroffen zullen worden, minder hoog is dan in het versterkt observatiegebied.
De gebieden bedoeld in lid 1 worden omschreven en/of afgebeeld in de bijlage bij dit besluit.
HOOFDSTUK II. - Beheer van wilde zwijnen in het kerngebied en in het buffergebied
Afdeling 1. - Bijvoedering
Art. 2. In afwijking van artikel 3, lid 2, van het besluit van de Waalse Regering van 18 oktober 2012 tot bepaling van de voorwaarden voor de bijvoedering van grof wild, is bijvoedering van grof wild verboden in het kerngebied en in het buffergebied.
Afdeling 2. - Jacht
Art. 3. In afwijking van de artikelen 4 tot 15, 18 en 19 van het besluit van de Waalse Regering van 24 maart 2016 waarbij de openings-, sluitings- en schorsingsdatums voor de jacht van 1 juli 2016 tot 30 juni 2021 vastgelegd worden, is de jacht op iedere wildsoort, met inbegrip van het opsporen van gewond wild om het af te schieten, in het kerngebied en in het buffergebied zowel in open veld als in bossen verboden voor het jachtjaar 2018-2019.
Afdeling 3. - Het opsporen van kadavers van wilde zwijnen
Art. 4. Het opsporen van kadavers van wilde zwijnen in het kerngebied en in het buffergebied wordt enkel door het personeel van de Administratie en van het Departement Onderzoek van het Natuurlijk en Landbouwmilieu van de Waalse Overheidsdienst uitgevoerd.
De administratie kan eveneens een beroep doen op het personeel van Defensie, op de houders van jachtrecht en op hun particuliere veldwachters, op de eigenaars en op iedere andere persoon die zij daar uitdrukkelijk toe machtigt.
Art. 5. Het opsporen kan worden verricht op iedere publieke of privé-eigendom, met inbegrip van de eigendommen waarop het jachtrecht niet wordt uitgeoefend, en in de natuurreservaten.
De eigenaars en rechthebbenden kunnen zich niet verweren tegen de opsporingsverrichtingen, behoudens in de eigendommen die een privé-woonst vormen in de zin van artikel 15 van de Grondwet.
Afdeling 4. - Vernietiging van wilde zwijnen voor de bestrijding van de verspreiding van Afrikaanse varkenspest
Art. 6. De vernietiging van wilde zwijnen in het kerngebied en in het buffergebied is enkel de taak van het personeel van de administratie, van het Departement Onderzoek van het Natuurlijk en Landbouwmilieu van de Waalse Overheidsdienst, en van de personen gemandateerd door de administratie.
De aanvang van de vernietigingsverrichtingen wordt door de administratie bepaald in functie van de evolutie van de epidemie. Deze vernietiging beoogt de verwijdering van alle nog levende wilde zwijnen.
Art. 7. De vernietiging kan verricht worden op iedere publieke of privé-eigendom, met inbegrip van de eigendommen waarop het jachtrecht niet uitgeoefend wordt en in de natuurreservaten waarvoor afgeweken wordt van het verbod bedoeld bij artikel 11, eerste streepje, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud.
De eigenaars en rechthebbenden kunnen zich niet verweren tegen de vernietigingsverrichting, behoudens in de eigendommen die een privé-woonst vormen in de zin van artikel 15 van de Grondwet.
Art. 8. De vernietiging kan zowel overdag als `s nachts plaatsvinden.
Art. 9. Voor de vernietiging kunnen als middelen of hulpmiddelen worden ingezet:
1° netten, valluiken, fuiken, specifiek voor gevangenneming omheinde stukken land en alle andere middelen om de wilde zwijnen levend gevangen te nemen;
2° niet-vergiftigde lokmiddelen;
3° lichtbronnen;
4° euthanaserende producten;
5° vuurwapens;
6° geluiddempers en nachtkijkers.
Betreffende 4° is het gebruik van euthanaserende producten enkel aan veeartsen voorbehouden.
Betreffende 5° is het gebruik van een vuurwapen enkel toegelaten om wilde zwijnen neer te schieten bij de bers- en de loerjacht of om ze af te maken wanneer ze levend gevangen worden genomen.
Betreffende 6° wordt het gebruik van geluidsdempers en nachtkijkers enkel toegelaten voor de personeelsleden van de administratie of de door haar gemandateerde personen en de houders van een geldige jachtvergunning voor zover het houden en het gebruik van deze hulpmiddelen toegelaten wordt ter afwijking van de artikelen 3 en 8 van de wet van 8 juni 2006 houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens door de federale overheid.
Art. 10. Voor ieder vernietigd wild zwijn wordt door een personeelslid van de administratie, voor afvoer ervan, een vaststelling opgemaakt.
Afdeling 5. - Verwijdering en bestemming van de kadavers van dood aangetroffen of bij een vernietigingsverrichting afgemaakte wilde zwijnen
Art. 11. Het verwijderen van de kadavers van dood aangetroffen of bij een vernietigingsverrichting afgemaakte wilde zwijnen is enkel de taak van het personeel van de administratie, van het Departement Onderzoek van het Natuurlijk en Landbouwmilieu van de Waalse Overheidsdienst, van de Burgerbescherming en van de personen gemandateerd door de administratie.
Iedere persoon, gemandateerd door de Administratie, moet voorafgaandelijk een opleiding in bioveiligheid hebben gevolgd.
De personen bedoeld in lid 1 vervoeren de kadavers verplicht naar een door de administratie aangewezen inzamelcentrum.
Art. 12. Na staalafnames met het oog op testen voor het opsporen van Afrikaanse varkenspest worden de kadavers onder officiële controle vernietigd.
HOOFDSTUK III. - Beheer van wilde zwijnen in het versterkt observatiegebied
Afdeling 1. - Bijvoedering
Art. 13. In afwijking van artikel 3, lid 2, van het besluit van de Waalse Regering van 18 oktober 2012 tot bepaling van de voorwaarden voor de bijvoedering van grof wild, is bijvoedering van grof wild verboden in het versterkt observatiegebied.
Afdeling 2. - Jacht
Art. 14. In afwijking van artikel 8 van het besluit van de Waalse Regering van 24 maart 2016 waarbij de openings-, sluitings- en schorsingsdatums voor de jacht van 1 juli 2016 tot 30 juni 2021 vastgelegd worden, wordt de jacht op wild zwijn verboden in het versterkt observatiegebied, zowel in open veld als in bossen, voor het jachtjaar 2018-2019.
Art. 15. De beoefening van de jacht in het versterkte observatiegebied gebeurt verplicht zonder hond.
De inzet van een aan de leiband gehouden hond wordt evenwel toegelaten met het oog op het zoeken naar gewond wild om het af te maken. De hond mag enkel vrijgelaten worden om het gewonde wild onbeweeglijk te maken, behalve indien het wild zwijn betreft.
Afdeling 3. - Vernietiging van wilde zwijnen voor de bestrijding van de verspreiding van Afrikaanse varkenspest
Art. 16. In het versterkt observatiegebied hebben de houders van het jachtrecht de verplichting om zelf de vernietiging van de wilde zwijnen op hun jachtgebied te organiseren, met als doel een totale ontvolking in de respectievelijke jachtgebieden.
Art. 17. De vernietiging kan zowel overdag als `s nachts plaatsvinden. Bedoelde vernietiging kan ter gelegenheid van de beoefening van de jacht plaatsvinden.
Art. 18. De vernietiging wordt verricht door de houders van het jachtrecht en hun particuliere veldwachters, evenals door de houders van een geldige jachtvergunning, uitgenodigd door eerstgenoemden.
Art. 19. Voor de vernietiging kunnen als middelen of hulpmiddelen worden ingezet:
1° netten, valluiken, fuiken, specifiek voor gevangenneming omheinde stukken land en alle andere middelen om de wilde zwijnen levend gevangen te nemen;
2° niet-vergiftigde lokmiddelen;
3° lichtbronnen;
4° euthanaserende producten;
5° vuurwapens;
6° geluiddempers en nachtkijkers.
Betreffende 4° is het gebruik van euthanaserende producten enkel aan veeartsen voorbehouden.
Betreffende 6° wordt het gebruik van geluidsdempers en nachtkijkers enkel toegelaten voor de personeelsleden van de administratie of de door haar gemandateerde personen en de houders van een geldige jachtvergunning voor zover het houden en het gebruik van deze hulpmiddelen toegelaten wordt ter afwijking van de artikelen 3 en 8 van de wet van 8 juni 2006 houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens door de federale overheid.
Art. 20. Iedere vernietiging van een wild zwijn maakt het voorwerp uit van een vaststelling van afschieten van het dier door een personeelslid van de administratie voor de afvoer ervan buiten de grenzen van het grondgebied waarop het is neergeschoten
Afdeling 4. - Verwijdering en bestemming van de kadavers van dood aangetroffen of bij een vernietigingsverrichting afgemaakte wilde zwijnen
Art. 21. Ieder wild zwijn dat dood aangetroffen wordt in het versterkte observatiegebied wordt onmiddellijk aan de administratie gemeld. Het aanraken ervan is verboden.
De administratie neemt de nodige maatregelen voor het vervoer van het kadaver naar een inzamelcentrum.
Art. 22. Het verwijderen van de kadavers van in een vernietigingsverrichting afgemaakte wilde zwijnen gebeurt onder de verantwoordelijkheid van de houder van het jachtrecht, door één of meerdere personen die de opleiding inzake bioveiligheid hebben gevolgd, met inachtneming van de procedures die in het kader van deze opleiding onderwezen worden.
De personen bedoeld in lid 1 vervoeren de kadavers naar een door de administratie aangewezen inzamelcentrum.
Art. 23. Na staalafnames met het oog op testen voor het opsporen van Afrikaanse varkenspest worden de kadavers onder officiële controle vernietigd.
HOOFDSTUK IV. - Beheer van wilde zwijnen in het waakzaamheidsgebied
Afdeling 1. - Bijvoedering
Art. 24. In afwijking van artikel 3, lid 2, van het besluit van de Waalse Regering van 18 oktober 2012 tot bepaling van de voorwaarden voor de bijvoedering van grof wild, is bijvoedering van grof wild verboden in het waakzaamheidsgebied.
Afdeling 2. - Jacht
Art. 25. De jacht wordt geopend overeenkomstig de bepalingen van het besluit van de Waalse Regering van 24 maart 2016 waarbij de openings-, sluitings- en schorsingsdatums voor de jacht van 1 juli 2016 tot 30 juni 2021 vastgelegd worden en strekt ertoe, op elk jachtgebied een aantal wilde zwijnen af te nemen gelijk aan anderhalve keer het aantal wilde zwijnen, afgenomen tijdens het vorige jachtjaar.
Art. 26. Iedere vernietiging van een wild zwijn maakt het voorwerp uit van een vaststelling van afschieten van het dier door een personeelslid van de administratie voor de afvoer ervan buiten de grenzen van het grondgebied waarop het is neergeschoten.
Afdeling 3. - Verwijdering en bestemming van de kadavers van dood aangetroffen of bij een jacht- of vernietigingsverrichting afgemaakte wilde zwijnen
Art. 27. Ieder wild zwijn dat dood aangetroffen wordt in het waakzaamheidsgebied wordt onmiddellijk aan de administratie gemeld. Het aanraken ervan is verboden.
De administratie neemt de nodige maatregelen voor het vervoer van het kadaver naar een inzamelcentrum.
Art. 28. Ieder in een jacht- of vernietigingsverrichting in het waakzaamheidsgebied afgemaakt wild zwijn wordt verplicht geheel naar een door de administratie aangewezen inzamelcentrum vervoerd.
Art. 29. De kadavers worden onder officiële controle vernietigd, in voorkomend geval na staalafnames met het oog op testen voor het opsporen van Afrikaanse varkenspest.
HOOFDSTUK V. - Versterking van de afnames van wilde zwijnen en passief toezicht op deze soort op het gehele grondgebied van het Waalse Gewest
Art. 30. Om de afnames van wilde zwijnen buiten het kerngebied en het buffergebied kracht bij te zetten, organiseren de houders van een jachtrecht van de jachtgebieden die dieren van het soort wild zwijn bevatten, in de loop van de maanden januari en februari 2019 minstens drie collectieve jachtdagen.
Voor 31 december 2018 lichten zij de territoriaal bevoegde houtvesterij van de administratie over de datums in, waarop zij deze collectieve jachtdagen zullen houden.
De houders van het jachtrecht die achten dat hun jachtgebied geen wilde zwijnen bevat, kunnen bij de Directeur van het territoriaal bevoegde centrum van het Departement Natuur en Bossen vragen, van deze verplichting te worden vrijgesteld.
De niet-inachtneming van de verplichting bedoeld in lid 1 wordt gelijkgesteld met een overtreding van artikel 9bis van de jachtwet van 28 februari 1882. Dit geldt eveneens voor het uitblijven van mededeling van de datums voor de collectieve jachtdagen.
Art. 31. Ieder wild zwijn dat dood aangetroffen wordt buiten de gebieden bedoeld in artikel 1 wordt onmiddellijk aan de administratie gemeld. Het aanraken ervan is verboden.
De administratie neemt de nodige maatregelen om staalafnames bij wild zwijn te verrichten met het oog op testen voor het opsporen van Afrikaanse varkenspest en om de kadavers onder officiële controle te vernietigen.
Dit artikel is niet van toepassing op wilde zwijnen, dood na door een voertuig te zijn aangereden.
HOOFDSTUK VI. - Slotbepalingen
Art. 32. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het ondertekend wordt.
Art. 33. De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden is belast met de uitvoering van dit besluit.
Namen, 30 november 2018.
Voor de Regering :
De Minister-President,
W. BORSUS
De Minister van Landbouw, Natuur, Bossen, Landelijke Aangelegenheden, Toerisme, Erfgoed en afgevaardigd bij de Grote Regio,
R. COLLIN



  Nieuwsflash
 
PCA noteringLees meer
 
 
IPM, de sierteeltbeurs in Essen Lees meer
 
 
De vlasmarktLees meer
 
 
Afrikaanse varkenspest (AVP) Lees meer
 
 
Verhandelen en gebruik van chopper en plagsel Lees meer
 
 
Intrekking van de toelatingen van middelen op basis van propiconazool Lees meer
 
 
Een storing met sneeuw Lees meer
 
 
Studiedag PCA 29/01/2019Lees meer
 
 
Bacillus cereus in levensmiddelenLees meer
 
 
Gebruik niet-biologisch zaaizaad of niet-biologische pootaardappelenLees meer
 
 
Vlaamse landbouw en visserij in cijfers Lees meer
 
 
Samen werken aan een eerlijke markt Lees meer
 
 
Verplichtingen rond het gebruik van biocidenLees meer
 
 
Nieuwe rassen van suikerbiet op de nationale rassenlijstLees meer
 
 
Eiwit-transitie biedt volop opportuniteiten voor Vlaanderen Lees meer