Akkerbouw
Algemeen
Dieren
Economie
Markten
Mechanisatie
Milieu
Politiek
Tuinbouw
Veehouderij
Voeding
Inloggen
 
 
 
Klik hier om u te registreren en te abonneren
(72,60 euro per jaar)
 
Wachtwoord vergeten
Vorig ArtikelVorig artikel Volgend artikelVolgend Artikel

 10 okt 2018 18:41 

Parlemantaire vragen omtrent het Vlaamse klimaatbeleid


Actuele vraag over extra ondersteuning voor lokale besturen die werk willen maken van een ambitieus klimaatbeleid van Johan Danen aan minister Joke Schauvliege

Actuele vraag over de dringende noodzaak om het Vlaamse klimaatbeleid verder aan te scherpen van Bruno Tobback aan minister Joke Schauvliege

De voorzitter

De heer Danen heeft het woord.

Johan Danen (Groen)

Collega's, de laatste dagen was er heel wat klimaatnieuws, en eigenlijk ging het heel vaak over problematisch klimaatnieuws. Vandaag bleek onder andere dat heel wat burgemeestersconvenanten een lege doos zijn. Eerder deze week was er een Europese klimaattop waar geen enkele van onze Belgische excellenties aanwezig was. Ook deze week bleek dat de Europese Unie de uitstoot van dieselwagens tegen 2030 wil beperken tot 35 procent, terwijl het parlement 40 procent vooropstelde. Maar het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) schoot toch de hoofdvogel af. Zij publiceerden een nieuw rapport waaruit bleek dat het niet voldoende is om de klimaatopwarming tot 2 procent te beperken. We moeten veel verder durven te gaan en daarom ook moet het klimaatbeleid versnellen en verscherpen.

Steden en gemeenten – en zondag kiezen we nieuwe gemeenteraden en daaruit volgende -besturen – spelen een belangrijke rol wanneer het gaat over klimaat en CO2-uitstoot. Heel wat steden en gemeenten nemen initiatieven ter zake, maar zij kunnen dat niet alleen. Zij moeten daarbij worden ondersteund. De klimaatconvenanten, zoals ik net al zei, stranden vaak in heel weinig ambitieuze resultaten omdat steden en gemeenten te weinig worden ondersteund. De Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) riep deze zomer nog op om op dat vlak meer ambitie te tonen en riep ook de hogere overheden op om de steden en gemeenten meer te ondersteunen, want dat is heel erg belangrijk.

Goed nieuws is dat er meer middelen in het Klimaatfonds komen. Minister, zult u steden en gemeenten beter ondersteunen om de klimaatdoelstellingen te halen, via onder meer Green Deals of klimaatconvenanten, eerder dan via ‘one shots’ en prijzengeld, wat u tot nog toe hebt gedaan? (Applaus bij Groen)

De voorzitter

De heer Tobback heeft het woord.

Bruno Tobback (sp·a)

Ik mocht van de voorzitter buiten mijn tijd zeggen dat het zijn schuld is dat deze twee vragen die eigenlijk heel anders van insteek zijn, toch samen worden gesteld. Ik ga die van mij toch stellen.

Minister, collega Danen heeft al uitgebreid toegelicht wat de aanleiding en de dringendheid rond het klimaatbeleid is. Er is het IPCC-rapport dat klaar en duidelijk zegt dat we bijlange niet genoeg doen en dat het alsmaar erger wordt. Er zijn daarnaast nogal wat andere rapporten waarin uit economisch onderzoek blijkt dat meer doen eigenlijk rendabel zou zijn en dat de kosten-batenanalyse positief zou zijn en er dus meer dan genoeg redenen zijn om verder te gaan.

Maar eergisteren las ik dan een gezamenlijk advies van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV), de Milieu- en Natuurraad van Vlaanderen (Minaraad) en de Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij.

Zowat iedereen die betrokken is bij dit beleid in Vlaanderen, gaande van werknemers over milieubewegingen tot landbouworganisaties, zegt over het klimaat- en energieplan dat de regering net voor de zomer heeft neergelegd, dat de ambities in de verste verte niet genoeg zijn. Ze zijn niet alleen niet genoeg, maar die die erin staan, zijn niet onderbouwd, niet voldoende duidelijk, niet gefinancierd en niet voldoende klaar om te overleggen met de verschillende niveaus. Met andere woorden, uw hele klimaat- en energieplan voor 2030 is op basis van dat advies een lege doos. Anders kan ik dat niet lezen.

Men legt er dan nog even vriendelijk naast dat u eigenlijk ook voor 2020 uw doelstellingen niet haalt, daar feestelijk aan voorbijfietst en er niets over zegt. De adviesraden zeggen eigenlijk dat de Vlaamse Regering alles doorschuift naar een volgende regering, naar anderen. Ze doen een heel klare oproep om in deze legislatuur alstublieft nog een inspanning te doen.

Minister, bent u van plan om die minimale inspanning alsnog te doen om niet helemaal met rode kaken naar de volgende parlementsverkiezingen te moeten gaan? (Applaus bij sp.a en Groen)

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Minister Joke Schauvliege

Voorzitter, het gaat hier inderdaad over twee totaal andere vragen. De eerste vraag gaat over wat met de lokale besturen, hoe die meer ondersteund kunnen worden om aan een klimaatbeleid te doen. De tweede vraag gaat over het klimaatbeleidsplan en het advies dat is binnengekomen deze week over het toekomstige klimaat- en energieplan.

Ik zal beginnen met het laatste. Er worden een aantal zaken door de heer Tobback heel bewust op een hoop gegooid. Ik heb dat al gezegd bij de bespreking van de Septemberverklaring. Het klimaat- en energieplan is nog niet definitief. Het is een plan dat in juli door de regering voorlopig is aangenomen en dat gaat over de periode 2020-2030. Dat heeft niets te maken met het klimaatbeleid dat we vandaag voeren. We moeten dit plan opmaken. We moeten ook een Belgisch plan hebben. Het plan wordt op dit moment geïntegreerd en dan pas, ook na publieke consultatie, wordt het een definitief plan.

U vraagt of ik rekening zal houden met de adviezen die binnenkomen. Uiteraard zullen wij, zoals bij de meeste plannen en decreten waarop adviezen worden verleend, daar rekening mee houden. We hebben nog een hele weg af te leggen. We moeten eerst zien wat het Belgische plan wordt waarin alles wordt geïntegreerd. Dan pas, na publieke consultatie, wordt dat definitief. Het gaat over de periode 2020-2030. Dat moet ook zo voor Europa.

We hebben op dit moment al een klimaatbeleidsplan, dat we samen hebben goedgekeurd in de vorige regering. Dat is geen statisch gegeven. We passen dit voortdurend aan. Zo hebben wij beslist om een Klimaatfonds op te richten. Dat is nieuw. Het is een fonds waarin heel veel middelen gaan. Er zitten miljoenen in. We hebben er voor 2019 114 miljoen euro extra in gestopt, bovenop de 300 miljoen euro die er al in zaten om heel concrete, bijkomende maatregelen te nemen. Dus ja, wij blijven het klimaatbeleid bijsturen, jaar na jaar, met bijkomende maatregelen die nog betere resultaten moeten opleveren. Het is dus niet iets dat vastligt en niet meer zal worden aangepast.

Dat zijn dus twee totaal verschillende zaken. U weet dat maar al te goed, maar blijft die door elkaar halen. Ik neem er ook telkens akte van dat u vindt dat het plan dat we samen hebben goedgekeurd in de vorige regering, eigenlijk niet voldoet. Ik neem daar akte van. Ik kan alleen maar zeggen dat wij jaar na jaar bijkomende maatregelen nemen op basis van de monitoring die we doen.

De tweede vraag betrof de lokale besturen. Ook daar voorzien wij in middelen, mijnheer Danen. Ik heb dit jaar in 12 miljoen euro voorzien om de lokale besturen te ondersteunen. We hebben er bewust voor gekozen om lokale besturen geen middelen te geven om een convenant af te sluiten. Bij zo’n convenant betaalt de gemeente om zich te laten begeleiden. Er zijn evengoed gemeenten die geen convenant afsluiten, maar toch goede maatregelen nemen om de CO2-uitstoot naar beneden te halen. Ik vind het belangrijk dat die 12 miljoen euro gaat naar heel concrete maatregelen in de gemeenten die direct effect hebben op het minder uitstoten van CO2. We hebben die oproep gelanceerd en 182 projecten binnengekregen van steden en gemeenten. De jury is deze aan het screenen. De projecten die het meest resultaat opleveren en het meest een CO2-reductie realiseren, zullen in aanmerking komen voor die subsidie.

Ik vind dat een goede regeling. Ik vind dat veel beter dan de gemeenten gewoon een budget te geven of een convenant af te sluiten. Ik vind het beter de maatregelen die de gemeenten nemen mee te ondersteunen en daar een subsidie voor te geven.

Mijnheer Danen, ik wil nog een laatste punt maken. U had het erover dat de temperatuur op aarde geen 2 procent mocht stijgen. Het gaat natuurlijk om 2 graden Celsius en niet om procenten. Ik denk dat dit een belangrijke nuance van uw vraagstelling is, die ik nog even wil benadrukken. Het klopt dat we onder een stijging met 2 graden Celsius moeten blijven. We moeten stijgen naar 1,5 graden Celsius. Als we die doestelling willen aanscherpen en nog verder willen gaan, zal dat van iedereen, ook van Vlaanderen, België, Europa en de rest van de wereld, bijkomende inspanningen vragen.

De voorzitter

Dames en heren, aangezien de minister twee verschillende antwoorden heeft gegeven, vraag ik voor de helderheid van het debat nu eerst de actuele vraag van de heer Danen te behandelen. Zijn er mensen die zich bij de actuele vraag van de heer Danen willen aansluiten? Het gaat niet om de actuele vraag van de heer Tobback. Ik wil niet dat u zich bij de verkeerde actuele vraag aansluit.

De heer Gryffroy heeft het woord.

Andries Gryffroy (N-VA)

Voorzitter, ik pleit voor een meer doorgedreven lokaal energie- en klimaatbeleid. Een burgemeestersconvenant kan daartoe een middel zijn. Ik heb nu echter het gevoel dat we onszelf een goed gevoel aanpraten en daar is het klimaat niets mee.

Ik heb door middel van schriftelijke vragen onderzoek verricht. Ik heb de websites onderzocht en ik kom tot de conclusie dat een aantal van de 223 gemeentebesturen die een burgemeestersconvenant hebben ondertekend niet eens de moeite doen om het elektriciteits-, aardgas- en brandstofverbruik van de eigen gebouwen en van het eigen wagenpark in te vullen in de Excelsheet van de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO).

Mijnheer Tobback, indien ze dat wel zouden doen, zouden we tot een centraal databeheer kunnen overgaan. U bent daar ook een voorstander van. We zouden dan gepastere maatregelen kunnen nemen en vanuit de Vlaamse overheid ondersteuning kunnen geven. De gemeenten zouden van andere gemeenten kunnen leren. Ze zouden zich kunnen afvragen of ze de maatregelen al hebben uitgevoerd en wat die maatregelen al dan niet opbrengen.

Minister, mijn vraag is duidelijk. Wat zult u doen om de gemeenten die een convenant ondertekenen bij wijze van spreken te verplichten om ten minste de moeite te doen om de Excelfile van VITO in te vullen?

De voorzitter

De heer Bothuyne heeft het woord.

Robrecht Bothuyne (CD&V)

Mijnheer Gryffroy, ik denk dat de lokale besturen met betrekking tot het klimaat- en energiebeleid een bijzonder belangrijke actor zijn. In tegenstelling tot u wil ik ze echter niet verplichten administratieve formuliertjes in te vullen. Ik denk dat we de weg van de ondersteuning en de stimulering van concrete acties op het terrein moeten volgen. Een burgemeestersconvenant is een middel en geen doel. Ik denk dat we vooral de lokale acties moeten ondersteunen. Ik zie veel lokale besturen die effectief acties ondernemen die geen windowdressing zijn, maar op lokaal vlak concreet het verschil maken. We moeten vooral die acties ondersteunen en in mindere mate een administratieve molen organiseren.

Johan Danen (Groen)

Minister, u verklaart steeds dat we een tandje moeten bij steken. Het klopt natuurlijk dat we te weinig doen, maar u levert vooral lippendienst aan het klimaatbeleid. Dat is wat ik hier zie. U zegt wat er moet gebeuren, maar op het terrein gebeurt veel te weinig.

Wat de burgemeestersconvenanten betreft, deel ik de mening van bijna iedereen die hier aanwezig is. Het is geen doel, maar een middel om een doelstelling te bereiken. Dat schiet hier heel erg aan voorbij. In veel gevallen zijn de burgemeestersconvenanten een lege doos. Het is goed projecten te begeleiden om doelstellingen te halen, maar daarnaast moeten de steden en de gemeenten ook structurele maatregelen nemen. Er moet ook ondersteuning van die structurele maatregelen zijn, maar dat gebeurt volgens de gemeentebesturen veel te weinig. Er zijn te weinig middelen om die structurele maatregelen te nemen. Mijn vraag is dan ook of u op dat vlak structurele maatregelen wilt nemen om de steden en de gemeenten beter te ondersteunen.

Minister Joke Schauvliege

Ik wil nog eens herhalen dat de convenanten een privaat initiatief zijn. Een gemeente betaalt om zich bij een convenant aan te sluiten en wordt dan begeleid. De gemeente legt centen op tafel en de organisatie die de convenant heeft uitgewerkt, zorgt ervoor dat de gemeente wordt ondersteund. Het is de gemeente die zelf kiest daar al dan niet in te stappen. Een gemeente kan even goed een sterk klimaatbeleid voeren zonder in een betalende convenant te stappen. Ik vind het heel belangrijk gemeenten niet te discrimineren op basis van de keuze die ze hebben gemaakt.

Als ze ingestapt zijn, is dat hun keuze. Dan moeten ze uiteraard die klimaatmaatregelen naleven. Doen ze dat niet, maar nemen ze maatregelen, dan vind ik dat even goed.

Daarom heb ik er heel bewust voor gekozen om dat niet te beperken tot dat convenant om daar een subsidie aan te verlenen. Want dan ga je eigenlijk gemeenten, die misschien fantastisch investeren in elektrische voertuigen en in het delen van fietsen, in het isoleren van hun daken en in het perfect alles bijhouden van de uitstoot van hun gebouwen, dan ga je die gemeenten eigenlijk gaan straffen omdat ze niet op een privaat initiatief zijn ingegaan om zo’n convenant af te sluiten. De regering heeft die keuze niet gemaakt, ook bewust. We hebben gezegd: ‘We gaan op basis van concrete projecten gemeenten ondersteunen.’

Het gaat ook niet alleen om de centen. Die 12 miljoen euro bijvoorbeeld voor dit jaar: wij hebben ook websites waarbij gemeenten goede voorbeelden aantonen van andere gemeenten, waarop ze ook kunnen ingaan. We hebben ook begeleiding vanuit onze diensten, collega Gryffroy, die ervoor zorgen dat de gemeentebesturen er ook absoluut niet alleen voor staan.

Ik denk dat dat een bewuste keuze is om concrete projecten, die minder uitstoot realiseren op het terrein, om die te gaan ondersteunen. En wij houden ook wel heus rekening met de vraag of maatregelen al dan niet structureel zijn, om die budgetten daarvoor uit te trekken. Als een gemeente een project indient op die 12 miljoen euro, waar we zien dat dat eigenlijk over de volledige looptijd, de komende jaren een effect zal hebben op minder uitstoot van CO2, dan zal dat project ook veel beter gerangschikt worden en zal dat ook sneller een subsidie ontvangen dan projecten die eenmalig zijn en veel minder effect hebben op het terrein.

Ik ben vooral heel blij verrast dat gemeentebesturen zoveel projecten hebben ingediend: 182. Dat sterkt me in mijn overtuiging dat het de juiste keuze was om dat op die manier te doen. Uiteraard is het ook de verantwoordelijkheid van lokale besturen, wanneer zij een contract en een convenant afsluiten, om die ook na te leven. Maar nogmaals: het is een eigen initiatief van de gemeenten en ik denk dat er ook nog zoiets is als de gemeenteraad, als men ziet dat de gemeente de afspraken die daarover gemaakt zijn, niet nakomt, dan vind ik dat de gemeenteraad daar zijn democratische rol moet spelen en ervoor moet zorgen dat de zaken voldoende worden opgevolgd en dat dat daar ook voldoende aan bod komt. Ik denk niet dat wij vanuit Vlaanderen als een soort schoonmoeder of schoonvader moeten zitten meekijken: ‘Lokale besturen, u hebt hier een convenant afgesloten, u hebt dat op vrijwillige basis gedaan – want dat is iets wat een privaat initiatief is – en dan gaan wij u bestraffen als u bepaalde zaken niet naleeft.’ Ik vind het beter om te belonen, om subsidies uit te trekken en vooral ook knowhow ter beschikking te stellen vanuit mijn departement. Ik denk dat dat de enige juiste weg is.

De voorzitter

De heer Danen heeft het woord.

Johan Danen (Groen)

Dit is voor een stuk een dovemansgesprek. Ik denk dat ik u op dit moment, in deze fase niet kan overtuigen. Ik herinner u aan een uitspraak van de minister-president. Hij zei twee weken geleden nog het volgende: “De sporen die wij nu uitzetten voor onder meer klimaat- en energiebeleid, zullen Vlaanderen naar de toekomst leiden.” Minister Schauvliege, de sporen die er uitgezet zijn, zijn veel te karig in vergelijking met de uitdaging waar we voor staan.

Ik ben ook heel erg verrast door een uitspraak vandaag in een krant, waar een lid van de regering stelde dat subsidies aan een luchthaven te vergelijken zijn met subsidies aan De Lijn. Ik vond dat heel frappant, want dat zou betekenen dat vliegen een basisrecht is, en dat dat sowieso subsidie vraagt. Ik vind dat heel straf, in een tijd waarin iedereen vraagt om sterke en scherpe keuzes te maken. Volgens mij heeft uw regering nog heel wat werk op de plank en is ze niet in staat om die uitdagingen het hoofd te bieden.

De voorzitter

De heer Tobback heeft het woord.

Bruno Tobback (sp·a)

Minister, uw verwijzing naar het feit dat dit een voorstel is voor het nationale klimaat- en energieplan, die klopt. Dit wordt nog een onderwerp voor een openbaar onderzoek. Die klopt ook.

Ik heb enkel een simpele bijkomende vraag voor u. Wanneer bij het eerste advies, zeer grondig en zeer breed geformuleerd, u vaststelt dat het oordeel erover is dat uw voorstellen ten eerste zeer schematisch en ten tweede niet onderbouwd zijn, en ten derde zelfs niet de minste ernstige aanduiding van kosten en financiering van al wat u voorstelt, heeft, en verder nooit zal toekomen om uw engagementen, die u zegt te willen aangaan, ook waar te maken, hoe serieus bent u dan dat overleg en dat openbaar onderzoek aan het nemen? Hoe kunt u dan verwachten van andere bestuurders, van andere regeringen, maar ook van die burgers aan wie u dat openbaar onderzoek gaat doen, dat ze dit ernstig nemen als vorm van advies, als u niet eens de moeite doet om het ernstig te maken en ernstig te onderbouwen? Ik heb nog nooit een dergelijk vernietigend advies van een dergelijk brede groep van adviesraden gelezen als wat daar ligt. Het zegt heel simpel: dit slaat nergens op. En dus: wat wilt u nu naar de burger stappen en zeggen: ‘Geef mij uw advies’? Ik vind dit een pure schande, dat u zich er daarmee van afmaakt.

De voorzitter

De heer Sanctorum heeft het woord.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde (Onafhankelijke)

Collega Tobback, u bent in uw lijstje van klimaatnieuws nog het vonnis in Nederland vergeten, waar de Nederlandse overheid nogmaals in beroep wordt verplicht om extra maatregelen te treffen. Het is dus mogelijk dat dit ook in Vlaanderen gebeurt. Dat is een feit.

Minister, de strijd tegen klimaatverandering wordt natuurlijk op vele klimaatfronten gevoerd. We moeten toegeven dat we op een aantal fronten wel een evolutie zien. Ik herinner mij dat transport enkele jaren geleden nog een taboe was. Daar mochten we toen niet over praten als het ging over broeikasgasuitstoot, omdat al die maatregelen veel te ver gingen. Ik heb de indruk dat dat nu toch wat aan het veranderen is, al moet dat nog blijken uit de cijfers en de feiten. Maar de voornemens zijn er al.

Ik denk dat er op vlak van voeding toch nog een aantal taboes zijn; ik heb het dan niet alleen over de landbouwproductie in Vlaanderen, maar over het hele voedingssysteem. Minister, ik wil u en uw collega’s in de Vlaamse Regering ertoe oproepen om die taboes te laten varen. Ik heb het dan in de eerste plaats over vlees en zuivel, want dat zijn nog altijd heel gevoelige thema’s. Ik zie daar heel weinig over in de klimaatplannen. Laat die taboes nu ook maar varen, want uiteindelijk moeten we dat toch doen.

De voorzitter

De heer Vandaele heeft het woord.

Wilfried Vandaele (N-VA)

Collega Tobback is toch wel erg negatief. We weten toch allemaal dat er inderdaad wel inspanningen geleverd zijn. Die zijn al heel vaak opgesomd: kilometerheffing, verkeersfiscaliteit, isolatie enzovoort. Ik denk dat we daar nog verder in moeten gaan. We zijn het er allemaal over eens dat we die inspanningen moeten voortzetten, en dat we stap voor stap moeten vooruitgaan. Als u vindt dat de minister de zaken verder moet onderbouwen, dan ga ik er van uit dat zij dat ook zal doen. We moeten in elk geval de gekozen richting met zijn allen blijven volgen.

De voorzitter

De heer Bothuyne heeft het woord.

Robrecht Bothuyne (CD&V)

Mijnheer Tobback, er is inderdaad een advies, en dat is kritisch, maar dat is ook logisch. Er is een omvattend plan ontwikkeld, en de regering heeft een advies gevraagd. Het is gelukkig een goed advies, waarmee we verder aan de slag kunnen. Maar om hier te doen alsof er niets gebeurt of verandert inzake klimaatbeleid, is de waarheid meer dan geweld aandoen.

De begroting die net is voorgesteld, omvat tientallen miljoenen euro extra aan middelen voor het klimaatbeleid. Die kunnen hier intern in Vlaanderen het verschil maken. De grote uitdagingen daarbij zijn mobiliteit, wonen en gebouwpatrimonium. Ik denk dat dat de prioriteiten zijn die ook heel duidelijk in het klimaat- en energieplan naar voren komen. Maar daar valt zeker nog aan bij te sturen. Minister, de verschillende parlementen in dit land hebben zich verenigd in een resolutie rond het klimaatbeleid, en die vragen ook om betrokken te worden bij de verdere opmaak van het Belgische klimaat- en energieplan. Collega Tobback, ik hoop dat we hier samen verder onze bijdrage kunnen leveren, op basis van het advies dat we vandaag kennen.

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Minister Joke Schauvliege

Collega’s, wat het klimaat- en energieplan betreft voor de periode 2020-2030, wil ik nog eens herhalen dat dit voorafgegaan is door een uitgebreide consultatieronde. Al mijn collega’s in de Vlaamse Regering hebben een bijdrage geleverd voor dit plan: de minister van Mobiliteit, de minister van Wonen, de minister van Economie, de minister van Landbouw, enzovoort. We hebben dit plan ook samen vormgegeven, en we hebben alles laten becijferen. Zo komen we uit bij die min 35 procent. Er komt nu een advies van de adviesraad – we hebben dit aangevraagd – en we willen dit advies ook in het lopende traject verder ter harte nemen.

Het klopt dat dat advies kritische bedenkingen bevat, maar er staat ook meer in. Als u het advies goed leest, kan u zien dat het bijzonder ambitieus is voor Vlaanderen om die min 35 procent te realiseren. Maar er staan ook een aantal nuances in: zo zal het voor Vlaanderen als regio, zoals we historisch gegroeid zijn, forse inspanningen vragen. Maar er staat ook een opmerking bij, en u verwijst er ook zelf naar: de volledige becijfering van de budgetten die daar voor de periode 2020-2030 tegenover staan, staan niet in het plan. Maar er is nog nooit een klimaatbeleidsplan geweest dat tot in detail alle komende jaren op voorhand becijfert. Dat is nog nooit gebeurd, omdat we in Vlaanderen nu eenmaal met een jaarlijkse begroting zitten. Maar in Vlaanderen hebben we wel nu al een klimaatfonds, – een uniek instrument –, dat veel middelen bevat die we nu al inzetten voor het lopende klimaatplan, dat tot 2020 loopt. Met die middelen kunnen we nu al extra inspanningen leveren.

Het is dus niet zo dat er geen middelen zijn of dat daar niet over nagedacht is. Maar het klopt inderdaad wat in het advies staat – en dat komt door onze manier van werken – dat we voor de periode 2020-2030 nog niet tot in detail berekend hebben wat dat allemaal zal kosten en wie dat zal betalen. Het is dus geen kwestie van ‘het is een klucht, er is geen geld’.

Het gaat over maatregelen, als we ambitieus zijn en als we nog meer willen doen, op drie vlakken waar we absoluut moeten verscherpen. Ten eerste: mobiliteit. Dat is de belangrijkste. Ten tweede: gebouwen, ook zeer belangrijk voor Vlaanderen. En ten derde: landbouw. Dat zijn de drie grote luiken waar we bijkomende inspanningen moeten doen. En die zitten ook in het plan 2020-2030.

We wachten daar niet op. We hebben voor 2019 114 miljoen euro extra op de tafel gelegd om heel concrete bijkomende maatregelen te nemen in Vlaanderen, volgend jaar al, die minder uitstoot van CO2 zullen realiseren. Het gaat bijvoorbeeld over de aankoop van schone bussen voor De Lijn. Het gaat over een groot budget voor wonen, om ervoor te zorgen dat huizen beter worden geïsoleerd en dat die minder energie verslinden en er minder CO2 wordt uitgestoten.

Jaar na jaar hebben wij altijd al bijkomende maatregelen genomen. Het plan dat we hebben aangenomen en dat nu loopt, wordt ook jaar na jaar op basis van de rapportages verscherpt en we nemen bijkomende maatregelen.

Je kunt niet zeggen dat er niets gebeurt. Ik vind dat nogal straf, als je kijkt naar de inspanning die de voorbije vier jaar gebeurd is op het vlak van de vergroening van de autofiscaliteit. Je ziet daar absoluut ook de resultaten van. Kijk ook naar de lage-emissiezones. Kijk naar het historische budget. Nog nooit is er zoveel naar natuur en bos gegaan in Vlaanderen. Het zijn allemaal voorbeelden van de inspanningen die gebeurd zijn en waar wij ook resultaat mee halen en waardoor we dus ook minder CO2 uitstoten.

Wie laat uitschijnen dat we van vandaag op morgen alles kunnen stilleggen, geen auto's meer laten rijden die uitstoot hebben, alle gebouwen van vandaag op morgen isoleren, alle landbouw in Vlaanderen op een andere manier gaan organiseren, die maakt de mensen iets wijs. Je moet dat stap voor stap doen. Je moet er ook voor zorgen dat je een gedragen beleid hebt, dat je de juiste maatregelen neemt, dat je een goede mix hebt tussen aan de ene kant stimuleren en aan de andere kant, bijvoorbeeld met de vergroening van de autofiscaliteit, mensen meer laten betalen als ze meer vervuilende technologie gebruiken.

Dat is de keuze die deze Vlaamse Regering heeft gemaakt, en waar wij ook resultaat mee halen. En uiteraard zullen wij het advies dat we hebben ontvangen, meenemen in de komende maanden in het lopende traject om tot een definitief klimaat- en energieplan te komen.

De voorzitter

De heer Tobback heeft het woord.

Bruno Tobback (sp·a)

Minister, collega Sanctorum verwees er al naar: de Nederlandse regering is vorige week ook in hoger beroep veroordeeld door haar eigen gerechtshof, niet omdat ze niets doet, maar omdat wat ze doet, in de verste verte niet genoeg is om haar wettelijke engagementen, maar ook haar morele engagementen tegenover haar eigen burgers en de rest van de wereld, na te komen. U kunt dus opsommen wat u wilt over wat we allemaal doen – en niemand zegt dat er niets gebeurt – maar ikzelf en iedere expert en ondertussen alle adviesraden in Vlaanderen zeggen dat wat we nu doen, niet genoeg is en dat wat u nu voorstelt, ook niet genoeg is. U kunt nu wachten tot we opnieuw ook veroordeeld zullen worden, of u kunt dit nu opnemen en daar iets mee doen.

Collega's Bothuyne en Vandaele, we zijn in dit parlement inderdaad grote principes overeengekomen. We hebben grote ambities vastgelegd. Maar de taak van de regering is niet alleen maar om dat jaar na jaar nog eens opnieuw te doen. De taak van de regering is om concrete plannen en maatregelen voor te leggen om die ambities ook waar te maken. En daar kan ik alleen maar vaststellen dat ze daarin – op dit moment in ieder geval – schromelijk tekortschiet, jammer genoeg blijkbaar ook met uw steun. En aangezien er nog maar zeven maanden legislatuur overblijven, zullen we van deze regering ook geen stap vooruit meer moeten verwachten. Ik betreur dat oprecht, na de goede samenwerking die we over meerderheid en oppositie heen gehad hebben rond die klimaatresolutie. (Applaus bij sp.a en Groen)

De voorzitter

De actuele vragen zijn afgehandeld.



  Nieuwsflash
 
VMM bouwt mee aan de slimme stadLees meer
 
 
Meer hittegolven door klimaatveranderingLees meer
 
 
Colruyt Group pioniert samen met partners met biologische sojateelt in België Lees meer
 
 
Eerste Vlaamse prof dierenrechten Lees meer
 
 
Tot een miljoen euro schadevergoeding voor varkenshouders door Afrikaanse varkenspest Lees meer
 
 
‘We zitten onder de grens van de uitzonderlijke droogte’ Lees meer
 
 
Droogte 2018: bomen kennen een groeidip Lees meer
 
 
Droogte 2018: tuinaannemers hebben nog altijd financiële problemen Lees meer
 
 
India heft embargo op Belgisch varkensvlees op Lees meer
 
 
Ardo is Onderneming van het Jaar 2018Lees meer
 
 
Marchés des pommes de terreLees meer
 
 
Interpom Primeurs 2018: exposantenlijst en cataloogLees meer
 
 
Walk in seminars Interpom Primeurs 2018Lees meer
 
 
Interpom Primeurs 2018 - Onze aardappelketen is sterk, in goede en minder goede tijdenLees meer
 
 
Begin 2019: aanvragen opstartsteun nieuwe erkende producenten-organisaties Lees meer
 
 
Terugbetaling van de inhouding voor financiële disciplineLees meer
 
 
Boeren op een helling Lees meer
 
 
Historische graslanden - Bescherming Lees meer
 
 
VLIF-steun - Aanvragen tweede kwartaal 2018 Lees meer
 
 
KB betreffende de bestrijding van boviene virale diarreeLees meer
 
 
Weerbericht voor de landbouwLees meer